Juryleden zijn onmisbare schakels in de wielersport. Maar wie zijn nou deze vrijwilligers, die zich in weer en wind inzetten om wielerwedstrijden goed te laten verlopen? In de nieuwe rubriek ‘Jurylid aan het woord’ komt telkens een Brabants jurylid aan het woord. Het spits wordt afgebeten door Thijs van Zon.
Thijs van Zon is al sinds 1965 actief als jurylid. Hij startte destijds onder leiding van de toenmalige consul Harry Meijs. Mede door zijn vrouw Mieke kwam Thijs destijds in aanraking met de wielersport. In 1964, na zijn diensttijd leerd hij zijn latere echtgenote Mieke Tanis kennen. Zij was een fervent wielersupporter in de tijd dat grote namen als Gerrit Schulte in de regio Den Bosch het wielrennen kleur gaven.
Om maar dicht bij zijn geliefde te kunnen verpozen, ging Thijs dus met zijn geliefde mee naar wielerwedstrijden in de regio en zo kon het gebeuren dat hij tijdens een van die wedstrijden als bezoeker langs het parcours werd aangesproken door Harry Meijs om de rondebordjes te verhangen. Thijs had meer oog voor zijn geliefde en vond aan dat wielrennen in die tijd helemaal niet zo veel aan. Toenmalig consul Harry Meijs is er dus de oorzaak van geweest dat Thijs in den beginne als ‘rondeverificateur’ bij het wielrennen betrokken raakte en met het wielerbacil geïnfecteerd raakte.
Thijs en Mieke trouwden in 1967 en alle toenmalige juryleden waren op de bruiloft aanwezig. In de daarop volgende jaren nam Van Zon deel aan de eerste landelijke jurycursus van de KNWU, die werd verzorgd door Kees van Zweedijk en Bas Goud. Samen met onder meer Chris Delbressine was Thijs regelmatig in De Vooruitgang in Nijmegen aanwezig tijdens de cursusdagen. Het was in die tijd dat op een zonnige zomerdag de juryleden zoals toen gebruikelijk was, in Sint Michielsgestel plaats namen op een platte boerenkar. De zon scheen volop en Harry Meijs liet zich ontvallen dat hij last had van de zon. Een achterbuurvrouw bij start/finish hoorde dit en kwam even later met enkele parasols aansjouwen die boven op de platte kar werden gezet. Het was weliswaar geen gezicht maar Harry zat nu wel uit de zon.
In 1982 werd Thijs in de vergadering van het district gekozen tot Consul van het District Midden Brabant. In 1984 heeft Thijs zijn eerste grote internationale wedstrijd als consul beleefd tijdens het WK veldrijden dat werd verreden op de Witte Ruysheuvel in Oss en waar Roland Liboton de wereldtitel veroverde en waar Frank van Bakel derde werd in de categorie liefhebbers.
In 1992 nam Jan van Gils het consul-stokje van Thijs over. Bij zijn afscheid als consul in 1992 bleek Thijs eigenlijk meer dan die ene consulfunctie te hebben vervuld. Volgens de structuur van de KNWU ging Thijs tussen 1982 en 1992 door het wielerleven als DSL en DCF. Die afkortingen stonden voor Districts Sportcommissie Lid en Districts Contact Functionaris. Thijs gebruikte daarvoor echter de afkorting ‘Conflict Figuur’.
In 1997 hield het district Midden Brabant op te bestaan en ging op in het district Zuid-Oost Nederland (het huidige district). In de periode 1992 tot 2002 is Thijs vanwege diverse privé en familie-omstandigheden niet actief geweest als consul of jurylid, maar is hij wel altijd lid gebleven van de KNWU en in 2002 heeft hij zijn jury-lidmaatschap weer opgepakt.
Thijs heeft een brede belangstelling voor het wielrennen ontwikkeld en van alle vormen en disciplines van het wielrennen gehouden. Zo heeft hij zelfs ooit in Uden het kunstwielrijden gejureerd. In de loop der jaren heeft het jurylid het wielrennen ingrijpend zien veranderen en daarbij springen met name de wijzigingen in de categorie-indelingen en de technische ontwikkeling van het materiaal in het oog.
Waar in de zestiger jaren jeugdrennertjes nog rondreden op een fietsje van 50 gulden is het nu geen unicum meer om renners op volledig carbonfietsen van enkele duizenden euro’s rond te zien rijden. Ook in zijn hoedanigheid van jeugd-secretaris heeft Thijs het wielrennen enorm zien veranderen. Naar zijn mening zijn de kinderen van kleinsaf tegenwoordig te prestatiegericht bezig. Bij iedereen staat de prestatie voorop en niet het plezier. Naar de mening van Thijs zijn mannekes van zeven, acht jaar al professioneel bezig. In negen van de tien gevallen komt dat door de ouders. Nu zien we weer heel voorzichtig een beweging de andere kant in en komt in het nieuwe KNWU-jeugdbeleid het plezier in de sport weer centraal te staan. Wat in al die jaren niet veranderd is: de benen moeten het doen. (Tekst: Albert van Maasakkers)

Reacties zijn uitgeschakeld.